Regering

Welke partijen er ook in de regering zitten, ze zullen altijd kritiek te verduren krijgen. Een democratisch bestuur, zoals wij dat in Nederland kennen, wordt door velen als ideale bestuursvorm beschouwd, maar is verre van dat. Anderzijds zou je wellicht kunnen stellen dat het de minst slechte bestuursvorm is, maar dat is bepaald nog niet ideaal te noemen. Veel mensen geven via sociale media blijk van hun ongenoegen over onze regering. Dat is nu zo, dat was in het verleden zo en dat zal vermoedelijk altijd zo zijn. Kritiek leveren mag best, we kennen tenslotte de vrijheid van meningsuiting. Maar kritiek leveren omdat je jezelf misdeeld voelt heeft weinig zin, zolang je niet met waterdichte alternatieven komt.

Ga er maar eens aan staan. Ga ons land maar eens een tijdje besturen. En vertel me dan na afloop of dat je meegevallen is. Ik denk dat ik het antwoord wel weet. De nu volgende tekst heb ik bedacht naar aanleiding van het vele geklaag over onze huidige regering onder leiding van Mark Rutte. Ook zijn voorgangers werden vaak bekritiseerd. Maar veel mensen zijn in hun kritiek te kort door de bocht en realiseren zich niet dat het doen van loze verkiezingsbeloftes voor een deel te danken is aan de bestuursvorm die wij kennen. Laten we even een kleine rekensom maken. Alle getallen die ik ga noemen, zijn fictief. Ze zijn bedoeld om enig inzicht te geven in onze democratie en de gevolgen daarvan. Het is mijn antwoord op het vele geklaag.

We hebben in de Tweede Kamer 150 zetels te verdelen. Alle partijen die zich conform de geldende regels hebben ingeschreven, mogen deelnemen aan de verkiezingen. Wanneer jij je stem uitbrengt op een bepaalde partij, zal het overgrote deel van de zetels in de Tweede Kamer worden bezet door partijen waarop jij niet hebt gestemd. Geen enkele partij haalt immers een meerderheid van de stemmen. Er moet dus altijd een coalitie worden gesloten met een andere partij om aan een meerderheid te komen. Het sluiten van een coalitie betekent in de meeste gevallen dat er water bij de wijn moet worden gedaan, waar het de standpunten van de partij betreft. Dat is een kwestie van onderhandelen, waarbij elke partij zoveel mogelijk van zijn wensen gerealiseerd wil zien.

Stel dat een partij vijftig standpunten verdedigt in het verkiezingsprogramma. Als zo’n partij een coalitie aangaat met een andere partij, zou het zomaar kunnen dat de helft van al die standpunten sneuvelt, omdat de andere partij een andere mening is toegedaan. Dan hou je dus nog meer vijfentwintig standpunten over, de andere vijfentwintig kunnen de prullenbak in want die beloften kun je niet meer goed waarmaken. Vervolgens krijgen we dan te maken met de veranderende maatschappij. Er kunnen dingen gebeuren die een regering noodzaken om andere maatregelen te nemen. Soms gaan die lijnrecht in tegen wat eerder beloofd is, maar men kan simpelweg niet anders, gegeven de actuele situatie. Zo houd je misschien nog maar tien van de oorspronkelijke standpunten over.

Dit is misschien allemaal wat te simplistisch uitgelegd, maar het is dan ook bedoel om mensen te laten inzien dat een partij meestal geen keus heeft. Wil je iets van je idealen kunnen waarmaken, dan zul je op veel fronten moeten inleveren. In de ideale situatie komt er een partij die standpunten naar voren brengt waar het grootste deel van Nederland achter staat. Als deze partij dan 76 zetels of meer behaalt, kunnen al die plannen zonder onderhandelingen worden ingepland, omdat er geen coalitie hoeft te worden gevormd. Democratie is mooi, maar leidt ook tot verdeeldheid. Verdeeldheid is geen goede voedingsbodem voor beleid. Bovendien is regeren in meerdere opzichten een soort stoelendans. Daar is altijd een stoel te kort. Vervang “stoel” door “geld” en je snapt het probleem. Ach, en de beste stuurlui staan kennelijk zelf nog steeds aan wal.